info@battlefieldtours.nu  Bel ons: +31(0)50-2803684

Monument Slag om Otterlo

O

p 16 april 1945, ‘s middags om 1500 uur vertrok lt. Vickerson met zijn peloton tanks van het verkenninsbataljon (3e Arm. Regt. Governor General’s Horse Guards) en een peloton infanterie van ,,The Irish Regiment of Canada” uit Otterlo, richting Harskamp. Terwijl de infanterie de eerste huizen doorzocht, opende een Duitse PzKW IV-tank het vuur op de eerste tank van het verkenningsbataljon. Toen bleek dat de Duitse tegenstand te sterk was voor deze eenheid, besloot men de volgende morgen opnieuw aan te vallen. Aan een bosrand, halverwege Otterlo en Harskamp, bleef een sterke patrouille tanks en infanterie gedurende de nacht van 16 op 17 april de verbindingsweg bewaken. Naast het in Otterlo overnachtende inf. bat. ,,Irish Regt. of Canada”, kwamen diverse andere onderdelen van de 5e Tank Div. het dorp binnen rijden. Dit waren onder andere het Divisie Hoofdkwartier, 17e Regt. Veldartillerie (Royal Canadian Artillery RCA), 3e Regt. Medium Art. (RA) en eenheden van de 79e Divisie. De ”Irish” sloten de weg naar Hoenderlo af om infiltratie van Duitse troepen uit Apeldoorn te voorkomen. Om 2320 uur waarschuwde een officier van het 3e Arm. Regt. dat er twee kilometer ten noorden van Otterlo 200 Duitsers gesignaleerd waren. Kort na middernacht (16/17 april) kwam een troep Duitsers al schreeuwende en schietende Otterlo binnenlopen. Achteraf bleek dit groepje de voorhoede te zijn van een 900 man sterke Duitse eenheid, die uit Apeldoorn vertrokken was in de hoop via Otterlo en Ede de Grebbelinie te bereiken. 

De geallieerde artillerie-eenheden legden direct storingsvuur op de toegangsweken naar Otterlo maar konden niet verhinderen dat de Duitse hoofdmacht zich tegen 0130 uur met behulp van kanonnen en mortieren een weg door de Canadese stellingen wist te banen. Het werd die nacht een verschrikkelijk gevecht van man tegen man. Chauffeurs  schrijvers en koks moesten zich verweren tegen een desperaat vechtende groep Duitsers. Om 0300 uur vuurde ook een SP-kanon van zeer dichtbij op de kern van het dorp.

In de Hervormde kerk van Otterlo was namelijk het hoofdkwartier van het ,,Irish” bataljon en de staf van het GGHG-eskadron gevestigd. Op een gegeven moment was een batterij van de 17e RCA omsingeld. Kanonnier R. Bouchard ging dwars door de vuurlinie met een ,,White”-Scoutcar hulp halen bij de ,,Irish” Drie granaten van de 17e RCA raakten de kerktoren die daardoor uit het lood kwam te staan. Het hoofdkwartier van het 4e Anti-tank Regt. kwam ook onder vuur te liggen van de 17e RCA. De toestand werd ‘s morgens vroeg steeds verwarder. Een aantal vuurmonden was uitgeschakeld en er waren vele doden en gewonden te betreuren. Een toevalligheid besliste de strijd: een groep Churchill-mortiertanks kwam over de Arnhemseweg aangereden en trok samen met de vlammenwerpers (WASP- carrier) al vurend het dorp binnen. Corporal ,,Red” Asselstine van de Vlammenwerperssectie kreeg voor zijn moedig optreden tijdens deze actie de Distinguished Conduct Medal. 

Tegen 0830 uur ratelden tanks van de 8th Hussars Otterlo binnen, maar toen was de ,,Battle of Otterlo” al voorbij. De Canadezen  verloren 12 soldaten en hadden tientallen gewonden. De Britten betreurden 3 gesneuvelden die nu nog in Otterlo begraven liggen. De Duitsers hadden zeker 50 doden en ruim 70 gewonden, terwijl meer dan 12- man in krijgsgevangenschap raakte. De 600 overige Duitsers met hun commandant, Oberstleutnant Tollbrugge, slaagden er inderdaad in de Grebbelinie te bereiken. Nog dezelfde dag maakte men op de weg naar Hoenderlo contact met de ,,Seaforth Highlanders of Canada” van de 1e Inf. Div.

 

 

Ook verkenningseenheden van de ten zuiden van Otterlo opererende 49e Polar BearDivisie kregen in Otterlo contact met de vermoeide strijders van de 5e Tank Divisie. Tijdens de strijd om Otterlo zijn ook vier burgers om het leven gekomen. De bevrijding van Otterlo was duur betaald.